STEMWIJZER
voor de toekomst


Meerziekte

 

Binnen de westerse leefstijl is er iets goed mis. Van de 4 basis innerlijke waarden worden er maar 3 gestimuleerd; wijsheid, moed en rechtvaardigheid. Matiging is de 4e en wordt op bijna alle fronten verketterd binnen onze markteconomie. Maar juist matiging is grotendeels verantwoordelijk voor geluk. Een gelukkiger samenleving kan alleen als de markteconomie langzaam omgevormd wordt naar een duurzame economie. Een duurzame samenleving komt tot stand als matigheid wordt gestimuleerd. Wijsheid en moed is nodig om binnen onze markteconomie het maximale te kunnen verdienen. Hiermee verkrijgt men de maximale status binnen de gemeenschap. Dit dient rechtvaardig gespeeld te worden binnen onze rechtstaat. Matigheid is een vies woord. Het belemmert de groei die noodzakelijk is om onze economie in stand te houden. Maar juist matigheid is noodzakelijk om gelukkig te kunnen zijn. Iemand die niet kan matigen wil alsmaar meer en raakt veelal verslaafd. Vele voorbeelden zijn in het dagelijks leven te zien: obesitas, gokken, internet, geld, etc. Religies predikte nog wel eens matiging. Onze consumptiecultuur predikt echter alleen maximalisatie.

Wijsheid, rechtvaardigheid, matigheid en moed zijn de vier basis idealen en heeft iedereen in meer of mindere mate (nodig). Wijsheid wordt op school uitgebreid onderricht. Rechtvaardigheid is verankerd in ons wetboek. Moed leer je vanzelf zodra je een doel voor ogen hebt. Deze drie waarden worden verheerlijkt in films en het dagelijks leven. Deze waarden leer je als ware vanzelf. In tegenstelling tot matigheid waarbij langdurige oefening noodzakelijk is om het te leren. Maar juist onze consumptiecultuur laat het tegenovergestelde zien: reclame roept om steeds meer te consumeren, in de sport gaat het om het uiterste, status wordt afgemeten aan wie het meeste heeft. De status in het werk wordt bepaald door wie het meest verdiend (krijgt) en niet wie de beste vakman is. Gekeken wordt naar kwantiteit in plaats van kwaliteit. In de economie eren we degene die het hoogste inkomen heeft en niet de beste vakman met als gevolg dat iedereen streeft naar een zo'n hoog mogelijk inkomen. De graaiers zijn ontstaan. Ook in de opvoeding krijgt matiging (zelfbeheersing, discipline) weinig aandacht. Speelgoed is er in overvloed. Door het individuele van deze maatschappij hoeft een individu weinig te delen. Discipline is een vies woord. Maar juist discipline leert kinderen matiging.


Uit Meerziekte van Han Blok 2011

Door de verslaving en de hunkering naar steeds maar meer, maakt materiële welvaart ons nooit echt tevreden. Ze biedt onvoldoende compensatie voor de vele sociale onzekerheden zoals het gemis aan een warme liefdevolle sociale omgeving, dreigend ontslag en werkloosheid, economische crises, verlies van inkomen door ziekte, verlies van een partner door scheiding of sterfte en aftakelende gezondheid door ouderdom en verlies van zelfcontrole of invloed op de samenleving.

Regeringen hebben echter het idee dat deze onvrede wel is te compenseren met nog meer economische groei. Ook voor onze industriële samenleving is groei het enig zaligmakende. In het kapitalistische systeem bestaat geen dopamine en geen genotsknobbel maar een ander mechanisme voor verslaving is minstens even hardnekkig. Zonder groei wordt een bedrijf door anderen uit de markt gedrukt of overgenomen, zonder groei en vernieuwing verouderd een product en wordt het door nieuwe weggeconcurreerd.

Groei is ook nodig om via schaalvergroting tot lagere productiekosten te kunnen komen, waarmee de concurrentie kan worden gewonnen. Groei is tenslotte ook nodig omdat de aandeelhouders anders weglopen naar een bedrijf dat meer rendement biedt. Om al die groei te kunnen verwezenlijken moet kapitaal geleend worden en om de kapitaalslasten te kunnen dragen is grotere omzet nodig. De verslaving van de mens aan steeds meer materiële welvaart is dus overgeslagen naar de verslaving van het economische systeem aan groei.

Uit Steeds rijker en toch niet gelukkig? van Paul de Beer